orange and yellow fire illustration

Dat is nogal een verhaal, maar ik zal proberen het kort te houden. Ik sprak UWV over reintegratie na de afgelopen ziekteperiode met de ziekte van Crohn periode. Die willen me wel helpen. Graag zelfs, die zijn heel enthousiast. En tot mijn verbazing vonden ze mijn CV er prima uitzien. Ik niet. Er zit een gat van 2001 tot 2008, dat ik weinig of niet werkte. Tenminste, niet voor bedrijven.

Dat kan ik wel verklaren, op zich. Ik heb zeven jaar dienst gedaan. Ik ben stamhouder, of was dat, destijds, oudste zoon van oudste zoon. En in de oude cultuur ben je dan mede verantwoordelijk voor de zielszaken en zielsriten van de familie. De stamhouder wordt priester, de tweede zoon dient in het leger.

In 2001 was een einde-en-begin van een grotere (ruwweg 500 jaars) cyclus. Dat gaat gepaard met een oude rite van de Broederschap, de Fenix rite. ‘Wedergeboorte, wederopstanding’. In de Fenix rite kiezen hoofden van Huizen (volksstammen) hun kant en kamp, en als ze zich loyaal betuigen aan Ad’m (_aleym), dan is het Huis ‘waardig’ in de Broederschap.

De stamhouders kunnen zich dan loyaal verklaren aan het Huis en zich daarmee ook ‘waardig’ tonen. Dan doen ze wat de zielen willen en krijgen van ‘dat brood van hemelen’ en zo nodig de middelen ter redemptie. Dan kunnen ze met ‘Herder’ werken aan de redemptie van familie, vrienden en anderen in de gemeenschap. Dat is (of was, vroeger) een belangrijke rite. Als je stamhouder bent, dan hoor je daar aan mee te doen.

Dat zat er bij mij (onderbewust) al lang in. Ik had op de lagere school ooit een opstel uit de vrije hand geschreven, toen ik 12 was, normaal de tijd van je communie rite. Ik heb daarvoor een 10-plus gekregen. Daarin vertelde ik wat mijn keuze zou worden, in dit leven, en wat ik zou kiezen, ongeacht de gevolgen.

Ik zei ook in 1997 al tegen vrienden ‘over drie jaar verander ik volkomen’.

Tegen 2001 (Fenix) was het tijd om die keuze te maken. Dat stukje proces ging niet mooi en elegant in 2001, dat was een full speed crash. Ik heb een lichte handicap, een chronische ziekte (bleek enige jaren geleden, dan) en groeide op in de “verdoemenis”, dus mijn uitgangspositie was nogal slecht. Ik kreeg een dikke burn out, en dacht dat het wel zo een beetje uit was met mijn werken. Maar vrij snel daarna werd ik opgeroepen voor ‘dienst’.

Ik groeide op in een roomse gemeenschap (har-adum, ‘god’). “Het Woord” (asr/_aleym) is een ander ‘ordenend principe’. Een andere ‘here’, in die zin. Traditioneel, als je wilt switchen van har-adum naar _aleym/Woord, dan moet je zeven jaar ‘dienen’ voordat je kan ‘verblijven’.

Dus met die oproep begon voor mij zeven jaar dienst. Veel lezen, studeren, leren, analyseren, trainen, oefenen. Stukken Tenach, Quran, Tao Te Ching en stukken van vrij veel andere culturen, cults, religies, stromingen, over de laatste 6000 jaar (sinds de uitvinding van het spijkerschrift). Maar ook veel fysica, geometrie, geluid, muziektheorie. Het Woord heeft ook een fysiek aspect. Leuk om te weten voor de wetenschappers.

Daarnaast heb ik veel praktisch uitvoerend werk gedaan. Passage riten met de kiddies, ere-riten met de ‘waardige zoons’. Leuke dingen, vaak, mooie momenten. Maar dat zijn verder privé zaken van mensen.

Dat is van mijn kant de verklaring van dat gat van zeven jaar. Dat hoort bij die positie van stamhouder.

Het betekende wel een stille breuk met de familie, die rooms zijn. Van vaderskant en van moederskant. Ik had de roomse gemeenschap in feite op mijn 17de al verlaten. Maar dat ik dan in 2001 voor de Broederschap koos, als stamhouder, en niet voor de roomse club, dat was volkomen tegen het zere been van pa. Die had seminarie gedaan en had jaren voor de roomse kerk gewerkt, en had naar zijn gevoel dikke credits opgebouwd in dat kamp. En ik deed alles teniet… en was daarmee stamhouder-af !

Maar ik was inmiddels al ‘gepromoveerd’ binnen het Germaans Huis, dus ik vond dat verder niet zo erg. Dan had ik meer tijd voor Huis-werk.

Toen ik in 2008 klaar was, ben ik weer gaan werken. Charterzeilen. Dan heb je elke week twee clubs van 12 mensen aan boord, een paar dagen. Vaak Duitsers (dus ook Germanen). Daar zat af en toe ook wat voor mij tussen. Dat kon ik mooi combineren, werken en ‘werken doen’. Lekker leven man ! Zon, zee, strand en vakantie ! Biefstuk en bratwurst en bier, kibbeling en patat.

Daarna ben ik overgestapt op administratie, omdat daar altijd wel werk in is. Lekker onderdak, koffie apparaat in de hoek…

Inmiddels is een deel van mijn werk voor de Broederschap afgerond. De Fenix cyclus rite duurde 3×7 jaar, 21 jaar. Dat hebben we vorig jaar zomer, juli 2022, afgerond. Dus ik heb nu weer meer ruimte. En ik moet mijn pensioen nog verdienen, want ik heb nooit een rooie cent aan dat soort werk verdiend.

Dat was redelijk kort, toch ? En niet al te ‘religieus’.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Scroll to Top